Jos van Lent met zijn camper. Foto: Barry Wensink
Jos van Lent met zijn camper. Foto: Barry Wensink

Jos van Lent bouwde (leger)brandweerauto uit 1952 om tot camper: ‘Rijden in dit voertuig is een kunst op zich’

17 februari 2024 om 06:00 Mensen

Jos van Lent (67) is met zijn (leger)brandweerauto uit 1952 (Magirus-Deutz S-3500), in 1993 eigenhandig omgebouwd tot camper, een opvallende verschijning op de (snel)weg. Voordat de Wezeper in 2021 met pensioen ging, werkte hij zo’n 35 jaar bij Scania in Zwolle. “De opgedane kennis en handigheid komt mooi van pas, want als je twee linkerhanden hebt moet je zo’n voertuig niet willen hebben. Je moet het echt omarmen.”

Barry Wensink

Speciaal voor vandaag staat het ‘groene gevaarte’ op de oprit van de woning aan de Fazantenlaan, maar dat is verre van ideaal. “Ruim twintig jaar stond de camper bij een zakenrelatie in IJsselmuiden en sinds enkele jaren bij vriendelijke buren. Dit echtpaar gaat echter verhuizen en daarom zoek ik een stallingsmogelijkheid. Veel eisen heb ik niet, maar vanwege de hoogte van het voertuig (3,15 meter) is een caravanstalling vaak ongeschikt. Bovendien hebben ‘wegzetters’ geen groot rijbewijs en ze hebben geen verstand van de oude techniek. Ze krijgen ‘m niet eens gestart.” Mensen die Jos van Lent willen/kunnen helpen, bellen met 06-53220152.

We vragen naar de geschiedenis van het voertuig én hoe het in het bezit van Van Lent kwam. “Ze komen uit Duitsland en de techniek is dus van begin jaren vijftig. Het ontwerp van de motor is zelfs van eind jaren dertig. Voor die tijd was het een joekel van een voertuig. Ze kwamen als een soort van bouwpakket naar Nederland. In totaal ruim 400. In 1984 zijn ze door defensie verkocht aan particulieren. Er zijn er nu nog ruim honderd van over. Ik heb dit exemplaar in 1992 gekocht in Zoetermeer voor 5.000 gulden, nadat ik iemand zag die er ook één had en daar een camper van had gemaakt. Dat leek mij ook wel wat.” 

En zo kon het dus gebeuren dat het voertuig met kenteken NF-95-92 niet, zoals sommige andere exemplaren, een nieuw leven tegemoet ging als foodtruck, maar als camper. Het heeft Jos van Lent in totaal zo’n 1.600 uur (!) gekost om één en ander te verbouwen. Zo werd het dak 53 centimeter hoger, verdween de stalen roldeur aan de achterkant en ook een enorme haspel met brandslang moest plaatsmaken. Er werd volop geschuurd en geverfd. Aan de binnenkant plaatste Van Lent onder meer een ouderwetse geiser, emaillen douchebak en een waterreservoir van drie keer honderd liter. “Ik heb alles met de hand gemaakt uit eindeloos veel planken, stripjes, panelen en isolatie. Nergens zit een zogenaamde koudebrug, dus geen condens behalve op de ramen. Dus ook geen rot op plekken waar je het niet ziet. Vandaar dat alles er nog goed uitziet en vastzit. De camper weegt 6.500 kilo, maar hoe zwaarder hoe beter de wegligging.”

De camper met 4-cilinder, 90 pk motor, topsnelheid 90 km/uur en één liter diesel nodig voor iedere 4 a 5 kilometer, kent geen stuurbekrachtiging en schakelen is vanwege de primitieve techniek ook al een uitdaging. “Ik heb altijd onderdelen bij me, dus als er wat kapot gaat, kan ik het meestal repareren.” Toen Van Lent het voertuig kocht, stond er slechts 4.000 kilometer op de teller. Inmiddels is dat 82.000. 

Al dertig jaar lang gaat de (zomer)vakantie naar Spanje of Frankrijk. “Mijn vrouw en ik hebben dan veel bekijks. Auto’s die naast je gaan rijden en mensen die hun duim opsteken. Op de camping moet je iedere keer hetzelfde verhaal vertellen. Weet je, de camper is maar 1,90 meter breed en dat is smaller dan welke caravan dan ook.” 

En verder: “Vooral bergop moet je oppassen dat het schakelen goed gaat, anders rij je ineens nog maar 10 kilometer per uur en dat waarderen medeweggebruikers niet. We wilden een keer een file omzeilen en kwamen via binnenweggetjes in het centrum van Parijs terecht. Het is een uitdaging om met zulke ouderwetse techniek in de bergen en in binnensteden te rijden. Daar is dit voertuig niet voor gemaakt kan ik je zeggen.”

Inmiddels lopen we naar de schuur van huize Van Lent om zo dadelijk het voertuig te bekijken én een stukje mee te rijden. “Ik heb hier een aantal reservewielen liggen. Ze worden niet meer gemaakt, maar ik heb ze nog ergens kunnen kopen.” Ook tal van andere onderdelen, waaronder een complete automotor, is op voorraad. “Weet je, er is een vereniging van mensen die zo’n voertuig hebben. We helpen elkaar als er problemen zijn én we komen tweemaal per jaar bij elkaar.” 

Als we buiten zijn, volgt (nog) meer uitleg en vervolgens is het tijd om op pad te gaan. “Even voorgloeien”, zegt Van Lent, terwijl hij hard aan het werk is om de motor de starten. Het vergt enige handigheid om naar binnen te klauteren en vervolgens ga je voor je gevoel vele tientallen jaren terug in de tijd. Zoeken naar veiligheidsgordels is zinloos, want die kenden ze in die tijd nog niet .....

 Ook aan de binnenkant is veel aangepast.
 Een aantal oude foto's van begin jaren negentig.
Mail de redactie
Meld een correctie

advertentie
advertentie