🎥 Hoe een jonge botterboy een ervaren scheepstimmerman werd
14 september 2026 om 06:00 MaatschappelijkDe liefde voor de botter ontstond al op jonge leeftijd. Samen met vrienden was Elburger Cees Leusink, nu scheepstimmerman op de Botterwerf, zo vaak op het water te vinden dat de jongens de bijnaam ‘de botterboys’ kregen.
Hanneke Bloemendaal
De jaarlijkse Botterdagen in Elburg zijn net achter de rug. Een meerdaags evenement waarbij - de naam zegt het al - de historische botter centraal staat. Met onder meer een vlootschouw, een botterbedrijvenwedstrijd en bottervaren trekt het evenement altijd veel publiek. Dat dit varend erfgoed behouden blijft, is mede te danken aan het vakmanschap van Cees Leusink, die al jaren werkzaam is als scheepstimmerman op de Botterwerf.
”Als jochies zaten we al op de botter waar we onder toezicht mee gingen zeilen”, vertelt Leusink. “Het was Rien Lipke die ons destijds vroeg om te helpen met het schoonmaken en teren van een klipper en later met het onderhoud van de EB65. Als vriendengroep hebben we heel wat avonturen beleefd op het water. We gingen met de botter op vakantie en namen ook deel aan zeilwedstrijden in het hele land.” Leusink ging naar de lts en vervolgens naar de visserijschool op Urk. Daarna voer hij zo’n tien jaar als visser op de Noordzee. Het vissen zat overigens in de familie: zijn opa viste vroeger met een bons op de Zuiderzee. “Uiteindelijk ben ik in de bouw terechtgekomen en werd als timmerman door het aannemersbedrijf waar ik werk, gedetacheerd naar de Botterwerf. Met onze vriendengroep hebben we uiteindelijk de EB 65 aangekocht.”
De botter EB65 zit inmiddels in het werkleerproject van het Leerbedrijf van de Botterstichting Elburg waar Leusink als scheepstimmerman de scepter zwaait. Het Leerbedrijf werd in 2011 opgericht en heeft twee hoofddoelen: onderhoud en restauratie van houten vissersschepen die op de Zuiderzee gevaren hebben en het ambacht van scheepstimmerman overdragen aan een jongere generatie. “Gemiddeld hebben we twee stagiairs, die afhankelijk van hun opleiding tien weken tot een half jaar bij ons aan de slag gaan.” Het Leerbedrijf beschikt over twee grote hallen waar de schepen onderhouden en/of gerestaureerd worden. “Een botter is gebouwd van erg massief hout en is vergeleken met andere schepen heel zwaar uitgevoerd, omdat het van oorsprong werkschepen waren. Inmiddels hebben we drie grote projecten afgerond: de EB 18, de EB15 en de EB25. Die laatste kwam van een andere stichting. Eigenlijk hadden we schepen zat, maar we zijn toch aan het lobbyen gegaan om geld binnen te harken voor de restauratie. In april van dit jaar is hij te water gelaten. Het is feitelijk een nieuwe botter geworden. Er zijn maar zes spanten blijven zitten.” Leusink vertelt dat hij mallen maakt van dun hout en vervolgens aan de houtzagerij waar ze mee samenwerken doorgeeft wat hij nodig heeft. “Het hout komt van een houtvester uit Denemarken. Hij gaat, als er een boom is geveld, op zoek naar geschikte takken voor de spanten. Over het algemeen is het allemaal eikenhout. De planken aan de buitenkant - die je de huidplanken noemt - branden we hier ter plaatse om ze krom te maken. Dat leren we de stagiairs. De mast leggen we in het water: om de groeisappen en de schimmels eruit te halen. Hij ligt er wel drie jaar.” Hij legt uit dat de mast meestal van lariks of Douglas dennenhout gemaakt wordt, omdat dit minder stijf hout is. “Je wilt niet dat de mast breekt bij harde wind.” Als het houtwerk klaar is, moet de botter tot slot gelakt worden. “De zeilen worden door een zeilmaker gemaakt. Die van ons is helaas recent gestopt. Het is, vrees ik, een uitstervend beroep.”
De kosten van een restauratie lopen, afhankelijk van de staat waarin de botter verkeert, aardig in de papieren. “We praten zomaar over een bedrag van vijf ton. Gelukkig krijgen we veel steun vanuit de provincie, maar ook van diverse bedrijven.”
Dat Cees Leusink het werk niet alleen verricht, wil hij graag nadrukkelijk benoemen. “Er werken hier heel veel vrijwilligers, die elk hun eigen expertise hebben. Zoals Herman Jansen, die momenteel werkt aan de restauratie van een punter. Mensen met timmerervaring en/of een technische achtergrond -denk aan de motoren-, die op frequente basis aan de slag willen, kunnen we goed gebruiken. Maar ook schippers zijn welkom, want om inkomsten te genereren, willen we de vloot varend en in de verhuur houden. “
Wie interesse heeft, kan via leerbedrijf@botterselburg.nl contact opnemen.


















