V.l.n.r. 1. Online interview. 2 + 3. Schooltje in het binnenland waar Nico met het vliegtuig naar toe is geweest om zonnepanelen te installeren. 4. Het gezin Timmerman.
V.l.n.r. 1. Online interview. 2 + 3. Schooltje in het binnenland waar Nico met het vliegtuig naar toe is geweest om zonnepanelen te installeren. 4. Het gezin Timmerman.

Hallo Veluwe, Vaarwel Veluwe: ‘We zijn echt helemaal gesetteld en zien onszelf voorlopig niet vertrekken’

26 januari 2026 om 19:22 Algemeen

Om hun familie in Nederland te bezoeken, zijn ze maar liefst dertig uur onderweg. Arja en Nico Timmerman en hun kinderen Lotte, Anna en Timo wonen op Papoea, een eiland vijftien keer zo groot als Nederland, in het oosten van Indonesië. In 2021 verlieten zij Elburg, woonden een jaar op Java voor een taalstudie en zijn inmiddels behoorlijk ingeburgerd in het stadje Sentani. Hun drijfveer om te emigreren was het verlangen om zich in te zetten voor de ander. Zij sloten zich aan bij MAF (Mission Aviation Fellowship) een organisatie die met vliegtuigen hulp, hoop en herstel biedt in afgelegen gebieden.

Hanneke Bloemendaal

De techniek staat voor niets en dankzij een goede verbinding vindt het interview plaats via Google Meet. Met een tijdsverschil van 8 uur, komen we uit op een geschikt tijdstip van 13.00 uur hier en 21.00 uur op Papoea. Arja en Nico vertellen hoe zij, hemelsbreed, op ruim 11.000 kilometer van familie en vrienden terecht zijn gekomen. “We hebben altijd een diep verlangen gehad om mensen in nood te helpen vanuit de overtuiging dat we niet voor onszelf leven, maar ook mogen delen van alles wat wij hebben”, vertelt Arja. “Voor een opleiding liep ik jaren geleden stage bij MAF. Toen we getrouwd waren en kinderen hadden gekregen, begon het op een gegeven moment te kriebelen. We voelden ons onrustig in Nederland.” Nico: “We kwamen weer in contact met MAF en hadden in eerste instantie Oeganda als optie om daar te gaan werken. Uiteindelijk lukte dat niet, omdat vanwege de situatie daar een werkvisum heel moeilijk werd. We dachten: ‘einde verhaal’. Maar na een aantal gesprekken kwam Papoea ter sprake. We moesten wel even slikken, want dat was echt aan de andere kant van de wereld. Voelden we ons geroepen? Het antwoord was ‘ja’.”

MAF

MAF biedt via luchttransport ontwikkelingshulp aan mensen die in moeilijk te bereiken gebieden wonen. Het gaat hierbij om bouwmaterialen, voedsel, medische hulpmiddelen, maar ook om het verspreiden van het evangelie. Nico werkt er als IT’er. “MAF is een non-profit organisatie, maar we zijn ook een airline. Dat betekent veel software implementaties en software verbeteren. ‘Normaal’ IT-werk zeg maar. We werken echter vanuit vijf verschillende bases en daar is internet voor nodig.” Lachend: “Daar komt meer bij kijken dan in Nederland het geval is. Ik heb elektrotechniek gestudeerd en dat komt hier ook goed van pas, want de stroom valt regelmatig uit. Daar bouw ik powersystemen voor.”
Arja werkt sinds kort als management assistent bij MAF. “Een hele dynamische baan waarbij ik me bezig houd met diverse projecten: van het reilen en zeilen rondom het openen van een nieuwe landingsbaan tot het openen van een nieuwe basis of hangar.” Hoewel het tweetal in dienst is bij MAF, krijgen beiden geen salaris. “We hebben een zogenoemde TFC, een ThuisFrontCommissie, in Nederland. Zij zijn onze ‘handen en voeten’ en helpen ons om de begroting rond te krijgen. Dat doen zij door allerlei activiteiten te organiseren. Het geld sturen zij naar MAF. Elke maand krijgen wij een leefvergoeding uit het fonds.” Hoe voelt het om afhankelijk te zijn van anderen voor je levensonderhoud? Arja: “Ik was al bang dat die vraag zou komen! Het voelt enerzijds echt ongemakkelijk, tegelijkertijd probeer ik mezelf voor te houden dat het een samenwerking is. We horen van anderen vaak: ‘ik zou nooit kunnen wat jullie doen’. We hebben simpelweg anderen nodig om dit werk, mensen in nood helpen, te kunnen doen.”

Veilig

Bij vertrek waren de kinderen respectievelijk 9, 5 en 3 jaar oud. “In het begin was het, zeker voor de oudste, best wennen. Maar inmiddels willen ze niet meer terug. Ze gaan hier naar een internationale zendingsschool met zo’n 200 leerlingen. Ze spreken Engels, maar leren ook Indonesisch.” Om te vervolgen: “Ons team bestaat vooral uit Amerikanen en Canadezen, maar ook uit nog twee andere Nederlandse gezinnen. We zijn echt helemaal gesetteld en zien onszelf voorlopig niet vertrekken. Papoea is een redelijk veilig land. Veel Papoea’s voelen zich echter achtergesteld en er is een vrijheidsbeweging actief. Een aantal jaar geleden is een vliegtuig van MAF in brand gestoken. Ook het zorgsysteem werkt heel anders. Is er brand, dan bel je niet zomaar de brandweer, nee je pakt de tuinslang en gaat zelf de brand blussen. En het verkeer is hier heel chaotisch. Verder zijn er ziektes als dengue en malaria. Maar over het algemeen voelen we ons veilig. De natuur is prachtig, morgen gaan we met z’n allen naar het strand. Er zijn hier geen seizoenen en het is het hele jaar door zo’n 30 tot 35 graden.”

Zwaar

Dat het niet altijd makkelijk is om zo ver weg te wonen, ondervonden ze in 2025 op een heftige manier. “In januari zijn we met het gezin naar Nederland geweest om mijn vader, die ernstig ziek was, te bezoeken. Hij overleed uiteindelijk in augustus. Mijn zus overleed echter geheel onverwacht in maart. Ik kon toen niet op tijd bij de begrafenis zijn. In mei en augustus ben ik twee keer in mijn eentje naar Nederland gegaan, dat was heel zwaar. Nog twee keer die lange reis met het hele gezin maken was echter niet mogelijk. Behalve vrienden en familie wordt er nog meer gemist. “Kaas, stroopwafels, frikandellen en kroketten. En Lotte mist Monchoutaart. Hier maken we veel zelf zoals yoghurt, granola, brood. En in december hebben we stol en oliebollen gebakken.”

Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

advertentie
advertentie