
Serie VluchtelingenVerhalen deel 12
7 maart 2017 om 13:39 Lokaal
door Ludmilla Coornstra
‘T HARDE - Samer Mahmoud ontvangt mij met Oosterse gastvrijheid. Hij heeft een overheerlijke lunch bereid; soep, salade, zelfgemaakte frites, falafel, ijstaart... Voordat we beginnen te eten, stelt hij voor om even te bidden. “Veel mensen hebben helemaal geen eten. Dit spreekt niet vanzelf. Daarom dank ik God voor alles wat ik krijg.” Nee, hij zou zichzelf niet als religieus willen omschrijven. “Maar ik geloof wel heel sterk in God.”
Samer komt uit Syrië en verblijft sinds 2015 in Nederland. Hij woont nu vier maanden in ‘t Harde. Momenteel maakt hij een spannende periode door, want misschien komt deze maand zijn gezin ook naar Nederland. “Binnenkort hebben ze een gesprek,” vertelt hij. “En naar aanleiding daarvan wordt bepaald of ze toestemming krijgen om hierheen te komen.”
Samer mist zijn familie heel erg. “Mijn kinderen en mijn gezin zijn mijn leven. Maar het is alweer twintig maanden geleden dat ik ze voor het laatst heb gezien. We hebben wel contact via WhatsApp.” Hij herinnert zich een dramatisch moment vlak nadat hij in Nederland was aangekomen. “Plotseling ging mijn mobiel ook nog kapot. Gelukkig kreeg ik toen van iemand een nieuwe telefoon, zodat ik toch weer met mijn familie kon appen.”
Sowieso blijkt Samer een sociaal bewogen persoonlijkheid. “Iedereen wil blij zijn en iedereen heeft liefde nodig,” filosofeert hij. “Ik praat graag met andere mensen. Ik heb best veel levenservaring en daarmee hoop ik af en toe iets te kunnen betekenen voor anderen.” En ja, voegt hij eraan toe: “Het valt me soms wel zwaar om hier alleen te zijn.”
Moeite met de Nederlandse cultuur heeft hij niet. “Ik ben naar Nederland gekomen, Nederland niet naar mij. Dat besef ik en dus accepteer ik iedereen. En ik krijg hulp van zowel de omgeving als van de overheid. Ik voorzie geen moeilijkheden. Het is hier anders dan in Syrië, maar het aanpassen gaat me vrij makkelijk af.”
In de kamer staan vier certificaten uitgestald, waaronder één voor tuinieren en één voor koken. “Die heb ik in mijn azc-tijd behaald, voor vrijwilligerswerk.” En over een tekening aan de wand: “Ik tekende vroeger eigenlijk nooit, daar ben ik ook in het azc pas mee begonnen.”
Samer heeft in Abu Dhabi als chauffeur en rijinstructeur gewerkt. “Op zich zou ik dat werk wel weer graag doen, maar of dat lukt...? Tja, iedereen heeft zo zijn dromen. Maar ik sta voor alles open, als ik maar kan werken om voor mijn familie te zorgen. Zij moeten het goed hebben, ze zijn het belangrijkste in mijn leven.”









