
MuseumTV maakt opnames in Orgelmuseum
28 januari 2022 om 15:25 LokaalELBURG In coronatijd ontpopen zich in de culturele sector vele online initiatieven, zo ook bij het Elburgse Orgelmuseum. Wilma Seijbel van het Orgelmuseum: ,,Voor een tweede maal hebben wij samen met MuseumTV een filmopname gemaakt tijdens een periode dat we noodgedwongen onze deuren gesloten moesten houden. Deze maal een kennismaking met de beroemde orgelbouwer Hendrik Niehoff. De reportage is inmiddels online te bekijken via YouTube.
Hendrik Niehoff (circa 1495 – 1560) was een orgelbouwer die werkte in Nederland en Noord-Duitsland. Hij was een leerling van de eveneens bekende orgelmaker Jan van Covelens, wiens bedrijf hij na de dood van zijn meester voortzette. Niehoff was niet zo zeer een vernieuwer, maar een orgelbouwer die bestaande technieken en klanken perfectioneerde, en samenvoegde in een overtuigend geheel, dat Europa zou veroveren.
KLANKEN EN EFFECTEN Wilma Seijbel: ,,De manier om verschillende registers (groepen pijpen met dezelfde klank) afzonderlijk van elkaar te laten klinken, was door zijn voorgangers ontwikkeld. Ook waren er behalve de ‘gewone’ orgelpijpen al pijpen bekend die het geluid imiteerden van een fluit, een schalmei, een dulciaan (blaasinstrument uit de renaissance) of een trompet. Het was echter Niehoff die al die verschillende pijpen zodanig in het orgel plaatste, dat de organist ze optimaal kon gebruiken en mengen, in een tot dan ongekende variëteit aan klanken en effecten. Opvallend in de orgelgeschiedenis is ook dat we de naam kennen van Adriaan Schalken, de schrijnwerker die de weergaloze kassen maakte van Niehoffs orgels, en die zonder twijfel hebben bijgedragen aan hun succes.”
Tijdens de reportage die eind 2021 werd opgenomen, laat Henk Verhoef (organist van de Nieuwe Kerk in Amsterdam en bestuurslid van het Orgelmuseum) zien aan de hand van de museumcollectie wat Niehoff voor de orgelbouw heeft betekend. Ook speelt Verhoef tijdens de opnames een aantal variaties van Sweelinck op instrumenten in het museum.
De nieuwe film is mogelijk gemaakt dankzij een subsidie van de Provincie Gelderland.











