
Arjan Bruijnes is diep onder de indruk van zijn ervaringen bij brandbestrijding in Galicië
22 augustus 2025 om 06:00 MaatschappelijkDiep onder de indruk, geladen met een unieke ervaring, keert Arjan Bruijnes, manschap bevelvoerder van de brandweer Elburg, terug van vijftien dagen intens gevecht tegen het alles verzengende vuur in de Spaanse natuur. Er diep van overtuigd dat wat er nu aan de hand is in Zuid-Europese landen ook in Nederland realiteit kan worden als de klimatologische ontwikkeling zich voortzet.
Dick van der Veen
Van dat laatste zijn klimatologen overtuigd. Nederland is één van de landen die momenteel te hulp schiet om met mens en materieel hulp te bieden waar natuurbranden als een razende om zich heen grijpen. “Twee groepen van ieder twintig mensen, verdeeld over alle regio’s, kregen de kans om in Galicië te helpen en te leren. Ik voelde me direct betrokken, maar er moest een selectie worden gemaakt, Ik kwam in de tweede groep terecht. De eerste kreeg te maken met een reeks van kleine branden die op tig plaatsen uitbraken. We zouden eerst een aantal dagen inzicht krijgen in wat er aan voorbereiding nodig is. Daar kwam niets van terecht: de wind wakkerde aan, de temperatuur steeg en de branden namen fors in omvang toe. Hert werd een leerproces in de praktijk.”
En verder: “Galicië telt drie miljoen inwoners tegen 17 miljoen bij ons in een even groot gebied. Kun je je voorstellen dat bij ons de risico’s veel groter zijn met de domino effecten van een geconcentreerde bebouwing. We werden ingedeeld met een groep leidinggevende Spanjaarden. Die hebben ons volledig mee laten werken.”
Er zijn waarschijnlijk grote verschillen met de brandbestrijding in ons land?
“Dat kun je wel zeggen. Temperaturen van veertig graden, heuvelachtig landschap met veel klimmen en dalen. Vier keer per dag anderhalve liter water drinken om voldoende vocht binnen te houden, een veel minder zware bepakking enzovoort. Ik heb dat allemaal nauwkeurig in een dagboek bijgehouden. Er wordt in Spanje vooraf veel meer gedaan met camerabestrijding, het lezen van de branden, het snel beheersbaar maken. Ze ruiken en voelen daar de gevaren die zich aandienen.
In Nederland ga je pas naar huis als de brand is geblust. Dat ligt daar anders. Na 12 uur ploeteren heb je 12 uur later nog het idee dat je weinig opgeschoten bent, omdat elders weer nieuwe brand zijn uitgebroken. Je hebt te maken met veel grotere gebieden. Je leert de noodzaak om zelf een stuk in de fik te steken dat de heersende brand tegemoet komt om daarmee een groter gebied te sparen. Met bulldozers bomen kappen, gebouwen slopen.
Alle 7.000 brandweermensen die er zijn voor natuurbrandbestrijding werden ingezet naast 30 vliegtuigen en helikopters. Al snel kwam daar de totale ‘gewone’ brandweer bij met giertanks van boeren in het finale stadium. Nederland zet nu twee heli’s in. Door het natte voorjaar schiet de vegetatie als een veertje de grond uit, de hoge temperaturen daarna wakkeren het brandgevaar aan.”
Hebben jullie gevaar gelopen?
“Zeker. Vooral wordt een veiligheidsplan opgesteld. Terugtrekken op een bepaald punt als je door de intensiteit van het vuur wordt verrast. Dat is ons twee keer overkomen. Enkele van onze mensen liepen lichte verwondingen op. Bij de vorige groep brak iemand een been. Je kunt bij je werkzaamheden alleen de mannen links en rechts van je nog zien. Wanneer via de portofoon het sein wegtrekken wordt gegeven moet je alles achterlaten. Het is dan in de safety zone eerst een kwestie van koppen tellen.
Op een dag viel de communicatie weg. Juist op het moment dat er in Nederland berichten op tv circuleerden over slachtoffers, Je kunt je voorstellen wat dat met het thuisfront deed. Toen ik ‘s avonds een app kon sturen besefte ik pas wat het in Elburg had veroorzaakt.
We zijn het niet gewend om 12 uur met werkschoenen aan in de hitte te zwoegen. Zijn in Spanje uitstekend verzorgd hoor. Het teamwork, de kameraadschap bij onderlinge afhankelijkheid is van grote waarde. De Spanjaarden spraken redelijk Engels en neem van mij aan dat de brandweertaal universeel is. Je begrijpt elkaar al gauw met een simpel gebaar.”
Het doet wat met de bevolking kan ik me indenken.
“Nou en of. We hebben meegemaakt dat de beslissing viel om een dorp uit te laten branden om twee andere dorpen te kunnen redden. Het is onvoorstelbaar wat dat met mensen doet. Sommigen weigeren om zich uit de voeten te maken. Je kunt ze niet wegjagen. Als we een dorp uit de klauwen van het vuur haalden reden we langs hagen van mensen die voor ons stonden te klappen. Dat doet wat met je. Ook op de terugvlucht het applaus van de passagiers.
We hebben er veel geleerd wat ons straks van pas kan komen. Andere landen steken al sinds 2023 een handje toe; wij doen dat nu dus ook. Wanneer ik nog een keer de kans zou krijgen aarzel ik geen moment, maar natuurlijk wel in goed overleg met thuis.”












