
Voorzieningenrechter wijst verzoek omwonenden De Voord in Elburg af
17 september 2024 om 13:20 MaatschappelijkHet verzoek om een voorlopige voorziening door omwonenden van zorgcomplex De Voord in Elburg is afgewezen door de voorzieningenrechter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. De rechter ziet geen enkele aanleiding in de bezwaren dat het bestemmingsplan Veldbloemenlaan 25 Elburg, waarin de nieuwbouw wordt geregeld, in hoger beroep geen stand houdt.
Wijnand Kooijmans
Het plan maakt de vervanging van het huidige gebouw van De Voord mogelijk. Het komt voor het bestaande gebouw zodat de bewoners niet tussentijds een keer extra moeten verhuizen. In het nieuwe gebouw komen 130 zorgeenheden, aangevuld met 24 appartementen voor reguliere bewoning. Daarnaast blijven de vijftien onzelfstandige zorgeenheden van et gebouw uit 2007, ten noordwest van het hoofdgebouw, behouden.
De indiener van het verzoek om een voorlopige voorziening en anderen die aan de Veldbloemenlaan wonen vinden dat de raad hun belangen onvoldoende bij het besluit heeft betrokken. Onder meer vinden ze dat het nieuwe gebouw te dicht op hun woningen komt, dat een alternatief plan mogelijk is dat meer aan hun belangen tegemoet komt en dat een gefaseerde uitvoering van het plan gedurende vier jaar onaanvaardbaar is.
De bezwaarden vinden dat er alternatieven bestaan om het zorgcomplex binnen het bestaande bouwvlak te realiseren. Volgens hen is een ander ontwerp van het zorgcomplex mogelijk met tijdelijke huisvesting op een andere locatie van de bewoners en renovatie van het huidige complex met een eventuele uitbreiding binnen het bestaande bouwblok. Tijdens de zitten hebben ze toegelicht dat het complex 180 graden kan worden gedraaid.
In de toelichting op het plan is aangegeven dat de raad de renovatie van het oude zorgcomplex heeft onderzocht met tijdelijke huisvesting van de bewoners op een andere locatie. Conclusie is dat tijdelijke huisvesting van bewoners elders niet tot de mogelijkheden behoort omdat daarvoor een investering van 3.1 miljoen euro nodig is. Dat geld is niet beschikbaar. Bij het omdraaien van het gebouw kunnen de vijftien onzelfstandige wooneenheden niet worden gehandhaafd.
De voorzieningenrechter deelt niet de mening van de bezwaarden dat de verkleining van de afstand tussen het nieuwe gebouw en de woningen van bezwaarden onaanvaardbaar is. Dit gezien de maximale bouwhoogte van 11,25 meter op een minimale afstand van 23 meter. Mede omdat ook de Veldbloemenlaan is gelegen tussen het nieuwe gebouw en de woningen.
De uitspraak van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure die nu nog volgt. Het maakt ook dat de rechter niet ingaat op alle aangevoerde bezwaren. Wel heeft de rechter aangegeven dat hij in de overige aangevoerde bezwaren, zoals de overlast door toename van het verkeer, kapitaalvernietiging door de waardevermindering van woningen en overlast door de gefaseerde bouw niet verwacht dat in de komende bodemprocedure het bestemmingsplan geen stand houdt. Dat is voor hem reden het verzoek om een voorlopige voorziening af te wijzen. Het betekent ook dat de bezwaarden hun proceskosten niet vergoed krijgen door de gemeente.













